Aanleg perrons

Asfalt aanbrengen in schaal 1:87 bleek moeilijk.

 

 

Op het station Filisur waren in 1990 nog lage perrons en overpaden over de sporen. Voor fotografen was dat heerlijk. Je kon er zo over de sporen lopen. Als je liet blijken dat je de treinenloop goed in de gaten hield vond men het allemaal goed. Ik kon zelfs de buitenste twee sporen oversteken. 

 

De perrons waren toen al niet meer in allerbeste staat. Hier en daar was reparatiewerk verricht. Er was al eens een betonversteviging tegen de kantstenen gezet, maar dat brokkelde weer af. Langs de sporen 1 en 2 lagen klinkerstroken die deels weer vervangen waren door asfalt.  Een uitdaging om dat alles in model om te zetten.

 

In 2004 is het emplacement gemoderniseerd en verdween een stukje nostalgie. Op de modelbaan blijft de herinnering levend.

 

Foto:  René Kokert.

 

De perrons hadden een verschillende breedte. Je kan dit op foto's afmeten. Gebruik de spoorbreedte van 1 m als referentie. Ik heb dat gedaan en heb eerst een proefstukje gemaakt. De sporen lagen standaard 4 m uit elkaar, tussen spoor 3 en 4 was dat 6 m.

Ik heb ook rekening gehouden met de wisselverbindingen (Bemo code 70) en kwam uit op 48 mm voor de standaardafstand.

Tussen spoor 3 en 4 heb ik 67 mm aangehouden. De kantstenen zijn 1 mm dik en 4 mm hoog. De brede perronverharding van asfalt werd 32 mm breed tussen de kantstenen. Bij de smalle perrons werd dat 16 mm + 8 mm extra tot aan één spoorstaaf. Die extra strook van 8 mm is de strook die in werkelijkheid was opgevuld met klinkers en later vervangen werd door asfalt.

 

 

De buitenzijde kantsteen staat 16,5 mm uit het hart van het spoor. De kantsteen komt tot 1 mm boven de spoorstaaf uit.

Het asfalt ligt ook 1 mm boven spoorstaafhoogte. De hoogte van de extra strook van 8 mm breedte tot aan de spoorstaaf liet ik aflopen tot 0,4 mm onder spoorstaafhoogte (bij spoor 1 aan beide zijden en bij spoor 2 aan de noordzijde).

 

Op het proefstukje waren de kantstenen uit stevig karton niet onderbroken. Op de modelbaan staan wel losse stukjes karton.

De perrons zijn opgevuld met karton tot ca. 1 mm onder de kantstroken en daarna gevuld met Koemo Steinmehl Weg 15. Dat Steinmehl is ingewaterd met een houtlijm-water mengsel en vervuild met sterk verdunde Vallejo verf. Daarover later meer.

Langs de kantstroken zijn afgebrokkelde strookjes uit schuimplaat gelijmd. Deze moeten de afgebrokkelde betonversteviging uitbeelden.

Dit proefstukje gaf mij aanleiding om dit ook op de baan zo aan te brengen.

Maar dat zou nog tegenvallen!

Om op de baan alle perronvormen en allerlei andere zaken goed in beeld te krijgen zijn foto's nodig die ik gelukkig in ruime mate uit Zwitserland toegestuurd kreeg.

Daarnaast was het Bahnkatasterplan van station Filisur ook erg handig. Verkrijgbaar bij de Rhätische Bahn.

Op die plantekening staan allerlei zaken aangegeven. 

Op veel punten waren afwijkende constructies. Brede betonbanden, (leiding-) gootafdekkingen, houten overpaden of klinkers tussen de spoorstaven bij wissels. 

 

Een leuke puzzel, zo'n oud emplacement!

 

Ik ben begonnen met het lijmen van karton. Maar niet  nadat ik alle spoorstaven met Koemo Rostbraun had behandeld. Ook putafdekkingen sneed ik uit karton. Deze zijn nu ook bij verschillende leveranciers te koop. Op veel plekken werden de kantstenen lager aangebracht voor de overpaden. Een leuk detail was dat de overpaden niet allemaal dezelfde breedte hadden. De overpaden werden gemaakt van echt hout, uit 1,5 x 2 mm Linde latjes van Kaats-Miniaturen-Bouw.

 

Na het aanbrengen van de kantstenen met de afbrokkelende betonstrook werd ballast aangebracht.  Zie voor het aanbrengen van ballast de pagina Koemo Steenslag.

Detail: de toen nog aanwezige kruiswisselverbinding was door mij weggelaten, maar blijft in de ballast zichtbaar. (op de foto midden-onder).

Dan de 8 mm strook steentjes, in 1990 plaatselijk nog aanwezig. De typisch Zwitserse profielsteen was niet in model verkrijgbaar. Ik besloot het meest bijkomende model te nemen en vond de Verbundpflasterplatte van Auhagen, nr. 52408.

Met de frees in de standaard is een sponning gefreesd om de stenen niet boven de spoorstaaf uit te laten komen. 

 

En toen kwam een tegenslag. Ik kreeg de op de perrons het neergelegde Steinmehl niet vlak afgewerkt. Het werd een knollenveld!

Ik heb de frees er in moeten zetten en ben opnieuw begonnen. Soms waren er van die momenten dat je de bijl er in wilde zetten....

 

De bovenste laag Steinmehl is er weer uit gefreesd.

Na drie keer (!) aanbrengen een aanvaardbaar resultaat.

 

Wat bleek? Door de ongelijke kantstenen was de laag Steinmehl niet goed vlak af te strijken. Daar had ik op het proefstukje geen last van, daar lagen mooie ononderbroken afrijlatjes! De aangebrachte Steinmehl ging ook nog een keer "zwemmen" in het water-lijm mengsel. Na het freeswerk heb ik een nieuwe, dunne laag Steinmehl opgebracht en heb deze vlak gestreken met een papiertje, niet over de kantstenen. Dat ging veel beter en ook de lijm gaf nu geen probleem. De lijm zoog nu ook in de nog aanwezige onderlaag en het Steinmehl bleef liggen.

 

Na het opnieuw aanbrengen van het Steinmehl was het oppervlak echter veel te donker, ook na enkele dagen droging. Ik heb het geschilderd en toen liep het oppervlak helemaal dicht! Het Steinmehl is dus niet te schilderen zonder dat de structuur weg gaat, iets wat ook voor gips geldt.  Ik heb het voor de tweede maal gefreesd. (de spreekwoordelijke bijl bleef nog steeds in de schuur). Uiteindelijk heb ik het nieuwe Steinmehl weer op een aanvaardbare kleur gekregen door het te schilderen met zeer sterk verdunde Vallejo verf 70.989 "sky grey".  

 

Na later ook Steinmehl naast het spoor verwerkt te hebben kwam ik tot het volgende:

De ondergrond vlak afwerken, liefst met een wat absorberend materiaal zoals Alabastine. Het Steinmehl zeer dun aanbrengen en met papier (horizontaal houdend) afstrijken. Daarna het lijmmengsel vanaf de zijkant (de kantsteen) in het oppervlak laten doorwerken. Nooit het lijmmengsel op het droge Steinmehl-oppervlak druppelen. In feite net zoals bij de steenslag van Koemo.

 

De kantstenen van karton, geschilderd met Heki 6600 "beton", kregen een goed gelijkende structuur. Maar het vele inwateren met het houtlijm-water-mengsel maakte het karton soms (tijdelijk) week.

Daarom zou hier misschien kunststof beter zijn, in ieder geval bij het uitbeelden van nieuwere perrons.

 

 

Eerste foto:

Bij het perron tussen spoor 2 en 3 waren aan het eind brede schuine betonbanden aanwezig in plaats van profielstenen of een asfaltstrook.

Op beide foto's zijn ook de "holle" betonstroken zichtbaar met een putdeksel in het midden, naast spoor 1 en tussen spoor 1 en 2. 

Dat is geen perron en ook geen wateropvang bij voormalige waterkranen. Het waren onderdelen van een voormalige "Wagenwasch- und Desinfektionsanlage" welke ongetwijfeld te maken had met het veetransport voor en na een winterperiode.

Waterkranen stonden hier vroeger ook, twee stuks tussen spoor 2 en 3, maar daar was in 1990 niets meer van te zien, al zat er nog wel een putdeksel in het perron.....